Herman (7) turnt bij RKDOS Kampen

Gymnastiek is al lang geen meisjessport meer. Onder meer de successen van Epke hebben ervoor gezorgd dat de sport ook onder jongens populair is geworden. Zo ook bij Herman, die nu op zijn zevende turnt bij RKDOS Kampen. Zijn moeder Hendrien Hoksbergen vertelt waarom Herman voor de gymnastieksport heeft gekozen, al moet ook hij door de coronacrisis momenteel nog even geduld hebben.

“Zijn zussen hebben een grote rol gespeeld”, legt Hendrien uit. “De één turnt, de ander doet aan acrogym. Herman zat op voetbal, maar zijn zussen hebben enthousiast op hem ingepraat om eens met hen mee te gaan. Na een korte kennismaking met de gymdocent kreeg hij eigenlijk al snel het advies om het hogerop te zoeken. Sindsdien turnt hij bij RKDOS in Kampen. En met plezier, ieder vrij uurtje brengt hij het liefste door in de gymzaal.” Dat is ook het belangrijkste, aldus de trotse moeder. “Mijn kinderen moeten zich prettig voelen en zichzelf kunnen zijn, in alle opzichten. Niet alleen in de gymzaal tijdens een oefening of wedstrijd, maar ook daarbuiten in de kleedkamer, kantine of waar dan ook. Dat staat bij mij voorop.”

Rol van de ouders

Zoals je ook in dit artikel kunt lezen, spelen de ouders een grote rol bij talentontwikkeling. Dat geldt ook voor Herman. “Als ouders proberen we hem zo goed mogelijk en op onze eigen manier te coachen. Ik ga hem niet vertellen hoe hij moet turnen, want daarvoor heeft hij een goede trainer. Wij proberen wel zoveel mogelijk zorg te dragen voor een stabiele basis: rust, reinheid en regelmaat, dus goed eten, slapen en ervoor zorgen dat de sportspullen in orde zijn. We leren hem zelf verantwoordelijkheid te nemen, maar natuurlijk helpen we hem daarbij. Zo leggen we thuis al de basis voor een leuke en prettige sportbeleving.”

Begeleiding op de club

“Ik ben zeer tevreden over de begeleiding van mijn kinderen”, vertelt Hendrien. “Zowel op de club van mijn dochters, als van mijn zoon. Ik merk en zie dat er sprake is van een gelijkwaardig niveau tussen coaches en kinderen. Wanneer Herman enthousiast vertelt over iets wat hij heeft beleefd, dan is daar aandacht voor. Luisteren schept een vertrouwensband, het geeft een gevoel van gezien worden. Ook wordt er veel met elkaar en naast elkaar gesport. Oefeningen worden vaak in tweetallen gedaan. Op die manier kunnen sporters elkaar ook via aanwijzingen verbeteren. Dat werkt goed, terwijl je in eerste instantie misschien verwacht dat de gymsport nogal individualistisch is.”